Spreekwoorden oefenen met behulp van Padlet

Op Padlet heb ik drie soorten oefeningen gemaakt waarmee je spreekwoorden kunt laten oefenen.
1. Zes spreekwoord(kleur)platen
2. Negen rebussen waar spreekwoorden uitkomen
3. Een groot spreekwoorden memory

Leuk voor in de klas, als je veel tablets of laptops hebt.
Of misschien als huiswerk- of weektaakopdracht als je weinig tablets of laptops hebt.

1. Spreekwoordenplaten
Op deze Padlet vind je 6 (kleur)platen vol met spreekwoorden. Hoe langer je kijkt, hoe meer je er ziet.
Opdracht voor de leerlingen
Kies een plaat en schrijf in je schrift het nummer van die plaat.
Noteer vervolgens 10 spreekwoorden die je ziet in de plaat en zoek de betekenis op. Gebruik voor de spreekwoorden een andere kleur dan voor de betekenissen.

 

2. Spreekwoorden in rebusvorm
Op deze Padlet vind je 9 rebussen, genummerd 3.1 t/m 3.9.
Elke uitkomst van een rebus is een spreekwoord.
Opdracht voor de leerlingen
Los alle rebussen op.  Schrijf in je schrift het nummer van de rebus, het spreekwoord dat erbij hoort én de betekenis van het spreekwoord op.
Gebruik voor de spreekwoorden een andere kleur dan voor de betekenissen.

 

3. Spreekwoorden memory
Op deze Padlet vind je allemaal stukjes tekst. Twee of drie stukjes vormen steeds samen een spreekwoord.
Opdracht voor de leerlingen
Zoek stukjes tekst (twee of drie) die samen een spreekwoord vormen.
Schrijf in je schrift het spreekwoord én de betekenis van het spreekwoord op. Gebruik voor de spreekwoorden een andere kleur dan voor de betekenissen.

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

 

Voor elke leerling een andere Piet :-)

Elk jaar rond Sinterklaas kiezen mijn leerlingen een kleurplaat van een Piet.

Ik heb 38 verschillende Pieten verzameld via www.kleurplaten.nl
Daar heb ik één PDF-bestand van gemaakt, dat je hier kunt downloaden.

                  

Kinderen laten kiezen
Eerst print ik alle kleurplaten uit.
Vervolgens verdeel ik de 38 kleurplaten over alle tafels.
Dan mogen de kinderen rustig gaan rondlopen en alle Pieten goed bekijken.
Als ze een Piet vinden, die ze graag willen, gaan ze daarbij staan.
Kinderen die in hun eentje bij een kleurplaat staan, pakken die kleurplaat.
De andere kinderen gaan loten. Wie wint, krijgt de kleurplaat. Wie verliest zoekt een andere Piet.

                 

Het kleuren
Het kleuren laat ik vrij. Met potlood, stift, of een combinatie: dat maakt niet uit. Ik zeg niets over de (huids)kleur en/of het geslacht van de Piet.
Na het kleuren knippen de kinderen de Piet uit en plakken ze deze op een gekleurd blad.

                      

Praten over Piet
Als alle kleurplaten hangen, gaan we erover praten.
Mogelijke vragen:
* Wie wil je een compliment geven over zijn/haar Piet?
* Wat valt je op?
* Zijn het allemaal zwarte Pieten?
* Hoeveel roetveegpieten zie je?
* Hoe ziet voor jouw een echte Piet eruit?

                     

Zwarte Pieten discussie
Wil je het met de klas over de discussie over Zwarte Piet hebben, dan kunnen deze vragen (uit een enquête van het Jeugdjournaal) wellicht helpen.
* Heb je van de discussie over Zwarte Piet gehoord?
* Sommige mensen vinden dat Sinterklaas en zijn Pieten doen denken aan de slaventijd. Wat vind jij daarvan?
* Sommige mensen vinden dat Sinterklaas mensen met een donkere huidskleur discrimineert door alleen maar zwarte hulpjes te gebruiken. Wat vind je daarvan?
* Mensen met een donkere huidskleur vinden het vervelend dat ze soms voor Zwarte Piet worden aangezien. Wat vind je daarvan?
* Heb jij wel eens iemand Zwarte Piet genoemd?
* Hoe moet het nu verder, volgens jou?

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Leer elkaar beter kennen met de vragen op de Pickwick-theezakjes :-)

Pickwick heeft vragen gedrukt op de labeltjes van de theezakjes. Elke keer als ik een theezakje op open, ben ik benieuwd naar de vraag die erin zit. Die vragen bespreek ik vaak met een collega die ook thee of koffie pakt. Ook stel ik de vraag weleens aan mijn groep. Hierdoor ontstaan leuke gesprekken en merk ik dat je anderen weer wat beter leert kennen.

Ik heb van meer dan 150 Pickwick-vragen vragenkaartjes gemaakt.
Die vind je hier.

In dit blogartikel geef ik je ideeën hoe je de vragen in kan zetten in de klas.

Klassikaal
Trek een kaartje en lees de vraag voor. Laat de leerlingen eerst voor zichzelf een antwoord opschrijven. Vervolgens kun je de antwoorden klassikaal bespreken.
Een ander idee is Ik-Ook-Groepen maken: kinderen met hetzelfde antwoord gaan bij elkaar staan. Zo zie je wat je gemeen hebt met je klasgenoten.

In tweetallen
Elke leerling trekt een kaartje.
In de werkvorm Mix & Ruil bespreken ze de vragen en antwoorden. Doordat ze steeds ruilen van kaartjes en steeds andere klasgenoten tegenkomen, bespreken ze veel verschillende dingen.
Aan het eind van de werkvorm kun je klassikaal vragen:
* “Wie heb je beter leren kennen?”
* “Wat wist je nog niet van iemand?”
* Wat heeft je verbaasd?”
* “Wat zou je hierover willen vertellen?”

In een groepje
Elk tafelgroepje krijgt een stapeltje vragen. In de werkvorm Schud & Pak kunnen de leerlingen de vragen behandelen.
Na afloop (of na een tijdje) kun je een nieuwe opdracht geven:
Bespreek en noteer zoveel mogelijk overeenkomsten tussen alle groepsleden.
Of: Bedenk een Zoek De Valse die je straks aan de rest van de klas gaat voorleggen.

Individueel
Laat de leerlingen uit verschillende kaartjes één vraag kiezen en laat ze vervolgens het antwoord schriftelijk uitwerken. Laat ze niet alleen het antwoord noteren, maar ook de argumenten waarom. Laat ze ook voorbeelden bedenken.
Na afloop kun je enkele stukken laten voorlezen. Ook kun je ze zelf voorlezen en de klas laten raden wie de schrijver is.

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Drama – improviseren – Het Achtergrondenspel.

Het Achtergrondenspel.
Twee vrijwilligers staan voor het digibord. Zij gaan toneelspelen. Dat doen zij, zodra de leerkracht de PowerPointpresentatie start. Dan is er nl. een beeld te zien. De twee leerlingen spelen al improviserend toneel.

Je kunt de leerlingen ook eerst de dia laten zien en vragen wie een goed idee heeft. Die leerling begint dan in z’n eentje en iets later kun je een tweede leerling laten inspringen.

Regels tijdens het improviseren.
De regels die ik hanteer zijn de volgende:
* Zeg “ja” in plaats van “nee”.
* Zeg “ja, en…” in plaats van “ja, maar…”.
* Neem risico’s. Doe maar eens iets raars. 🙂

Voorbeelden.
Ik heb een aantal PowerPointpresentaties voor deze achtergrondspelen gemaakt.
1. Diversen 1
2. Diversen 2
3. Australië
4. Drie dia’s die steeds een vervolgverhaal vormen 🙂

Ook leuk om in de klas te doen: Het Moordspel van de Lama’s 🙂

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Leukste stapel-sinterklaaslied van dit moment. Vind ik dan … :-)

Een stapellied is een lied, waarin delen uit het couplet en alle eerdere coupletten worden herhaald, meestal in omgekeerde volgorde. Het steeds herhaalde deel heet een kettingrefrein.

Mijn favoriete liedje op dit moment is Sintjepiet, van Piet Piccolo.

Echt een aanrader om met de klas te zingen! 🙂

Op het whiteboard heb ik onderstaand lijstje geschreven, dat kan helpen tijdens het zingen 🙂

  1. Een zwarte piet
  2. Een witte baard
  3. Het grote boek
  4. De pakjesboot
  5. Een pepernoot
  6. Amerigo
  7. Een mooi cadeau
  8. Een gouden staf
  9. Een jute zak
  10. Een mijter op
  11. Een oud kasteel

( 12. Een klein probleem, zwarte piet, die is er niet)

 

Veel plezier! 🙂

Laat je leerlingen een sinterklaasverhaal schrijven met deze tips.

Voor deze les kun je de PowerPointpresentatie gebruiken, die ik heb gemaakt. Je vind hem hier.

Verhaal schrijven
Vertel de leerlingen dat ze een sinterklaasverhaal gaan schrijven.
Je kunt iedereen eerst even laten brainstormen, wat er allemaal in het hoofd opkomt, als je aan Sinterklaas denkt.
Je kunt de leerlingen ook uit laten wisselen. De volgende didactische werkvormen lenen zich daar goed voor:
* Genummerde Koppen Bij Elkaar
* Mix Tweetal Gesprek
* RondPraat
* TafelRondje
* TweeGesprek Op Tijd
* TweePraat

Als je op de werkvorm klikt, vind je een uitgebreide omschrijving.

5 december
Dat is natuurlijk de dag waarop het grote sinterklaasfeest wordt gevierd. Maar voordat het zover is, gaat er vaak van alles mis.

Problemen
De kinderen gaan problemen verzinnen, die mogelijk kunnen ontstaan. Achtereenvolgens bespreek je drie soorten problemen:
1. Problemen in Spanje.
2. Problemen onderweg met de stoomboot.
3. Problemen in Nederland.

Dit zou je ook weer kunnen laten bespreken in een didactische werkvorm.

In de PowerPointPresentatie staan wat voorbeelden van problemen.
Je kunt er ook voor kiezen om die juist niet te laten zien.

De opdracht
Als het goed is, hebben de leerlingen nu voldoende inspiratie om hun verhaal te beginnen.
De opdracht luidt: “Schrijf een sinterklaasverhaal. In Spanje, onderweg of in Nederland gaat iets mis. Kleine dingen kunnen grote gevolgen hebben. Gelukkig komt alles (net) op tijd weer goed en krijgt iedereen op tijd zijn cadeautjes.

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Kubistische herfstbomen

Op de site van juf Inger kwam ik deze te gekke tekenopdracht tegen.

Laat de kinderen naar dit filmpje kijken.

Het enige wat kinderen vervolgens nodig hebben is:
* een wit vel papier
* een stukje zwart papier
* een schaar
* Pritt
* kleurpotloden en/of stiften
* dikke zwarte stift
* een gekleurd vel

De tekeningen zijn geweldig! Ook kinderen die niet nog goed kunnen tekenen maakten de prachtigste kunstwerken. 🙂

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂