Filosoferen – Slim zijn

Eerder schreef ik al waarom ik filosoferen met kinderen belangrijk vind. Bovendien vind je in dat artikel tips en ideeën over hoe je filosofie kunt integreren in je lespraktijk.

Dit blogartikel gaat over filosoferen in het thema “slim zijn”.
Je kunt deze presentatie gebruiken bij de onderstaande activiteiten.
Ik raad je aan niet alle activiteiten achter elkaar te te laten doen. Ik plan deze verdeeld over meerdere momenten in één week.

uil 3

Opdracht 1
Laat de leerlingen pen en papier pakken en geef de volgende opdracht:
“Geef een cijfer aan jezelf voor hoe slim je bent. Kies een cijfer tussen 1 en 10. Een 1 betekent dat je totaal niet slim bent en een 10 betekent dat je heel erg slim bent.”

uil boek

Opdracht 2
Laat de leerlingen in drietallen een gesprekje voeren over het cijfer dat ze zichzelf hebben gegeven. Het is belangrijk dat ze hun cijfer motiveren.
Na 5-10 minuten vraag je een aantal kinderen klassikaal te vertellen wat er besproken is.

uil 1

Opdracht 3
Deze opdracht bestaat uit drie vragen:
* Wat betekent “slim zijn”?
*
Heeft dat alleen met intelligentie te maken?
*
Waar heeft het volgens jou allemaal mee te maken?
Deze opdracht kun je eerst individueel (schriftelijk) laten maken. Vervolgens kunnen leerlingen hun antwoorden uitwisselen met een of meer klasgenoten.
Je kunt de opdracht afsluiten door iedereen zijn eigen conclusie te laten opschrijven.
Deze conclusies kunnen weer stellingen vormen voor een later filosofisch gesprek.

uil tablet

Opdracht 4
Met de hele groep behandel je de vraag “Wat betekent ‘slim zijn’?”

uil 2

Opdracht 5
Deze opdracht bestaat weer uit een aantal vragen:
* Word je vanzelf slimmer als je ouder wordt?
* Kun je er zelf iets aan doen?
* Is het belangrijk om slim te zijn? Waarom (niet)?
*
Hoe weet je dat je slim bent?
Bij opdracht 3 staat beschreven hoe je dit kunt aanpakken. 

uilskuiken
Nog een leuke uitspraak:
Elke wijze uil is als uilskuiken geboren 🙂

Hier vind je alle blogs over filosofie.

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

 

 

Engels – Draw what you hear

Een leuke opdracht tijdens de Engels les is “Draw what you hear”, oftewel “Teken wat je hoort”.

Er zijn verschillende varianten te bedenken 🙂
Ik beschrijf er drie.

Teken wat de leerkracht vertelt.
De leerkracht vertelt een verhaal in het Engels.
De leerlingen tekenen wat de leerkracht vertelt.
Bijvoorbeeld:
Once up on a time there was a child. The child lived in a big house. The house had a pointy roof. Next to the house there was a little doghouse … etc.

 

Teken wat je klasgenoot vertelt.
De kinderen vertellen om de beurt aan elkaar iets in het Engels.
Vervolgens tekenen ze elkaars beschrijving.
Hiervoor kunnen ze het Engelse boek gebruiken om inspiratie op te doen.
Ze mogen ook zelf iets verzinnen:-)

 

Teken wat je klasgenoot op het digibord ziet.
Hiervoor heb je plaatjes nodig, die je op het digibord projecteert.
Je kunt ook deze presentatie gebruiken.

De tekenaar, zit met de rug naar het bord.
Degene die vertelt, zit met het gezicht naar het bord.
De verteller beschrijft wat hij/zij ziet op het bord.
Dit moet zoveel mogelijk in het Engels!
De tekenaar moet kijken of hij/zij dit begrijpt en tekent dit op papier.

 

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

 

 

Creatief én groepsvormend met Block Posters

Ken je Block Posters al? Op de site van Block Posters kun je zelf gratis posters maken.
Je uploadt een plaatje en kiest vervolgens uit hoeveel A4-tjes je poster moet bestaan.
Dan download je het document en kun je het printen.

Op deze manier kun je een kleurplaat uitvergroten en elk stukje door een of een tweetal leerlingen laten inkleuren.  Creatief én groepsvormend!

Onderstaand filmpje laat je zien hoe de site werkt

 

In dit blogartikel deel ik de Block Posters die ik zelf heb gemaakt én die van anderen.

 

Zon en Maan

 

Smile often

 

Vlinder

 

Carnaval

 

Mandala

 

Auto

 

Mooi 🙂 

 

Uil

 

Vis

 

Zomer op de site van juf Maike

 

Zomer schelpen op de site van juf Maike 

 

Oceaan op de site van juf Maike 

 

Kerst op de site van Schoolbordportaal 

 

Kerstboom op de site van de Knutseljuf

 

Kerststal op de site van de Knutseljuf

 

Gelukkig Nieuwjaar op de site van de Knutseljuf

 

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Saamhorigheid in het tafelgroepje door deze drie TeamPuzzels en uitdagingen

De auteurs van het boek “Coöperatieve Leerstrategieën” beschrijven een aantal manieren om te bouwen aan een teamidentiteit binnen het tafelgroepje. “Als leerlingen actief aan de slag gaan om een teamidentiteit te smeden, voelen ze zich solidair met hun teamgenoten en voelen ze een saamhorigheidsgevoel binnen hun tafelgroepje”, aldus Dr Spencer Kagan.

In dit blogartikel beschrijf ik drie TeamPuzzels en uitdagingen.

Team Woordzoeker
De leerlingen zoeken zoveel mogelijk woorden uit een woordzoeker.
Spreek van tevoren de regels door:
– Per letter is er een punt te verdienen. Lange(re) woorden leveren dus meer punten op 🙂
– Bij elk nieuw woord mogen alle letters weer gebruikt worden.
– Moeten de letters van elk nieuw woord elkaar raken of niet?
– Is er in de woordzoeker een (super)lang woord verstopt?
– Krijgt het team met de meeste punten een prijsje?
– Krijgt het team met het langste woord een prijsje?


Dit is een voorbeeld van een woordzoeker die ik gebruik. De letters van de woorden hoeven elkaar bij mij niet aan te raken. Vind jij het 14-letter-woord? De oplossing staat helemaal onderaan dit blogartikel 🙂

 

Magische 11   
De leerlingen staan met hun team (tafelgroepje) in een kringetje en houden hun gebalde vuist naar voren. Ze bewegen hun vuist drie keer op en neer, terwijl ze “één, twee, drie” zeggen. Op “drie” houdt elke leerling een aantal vingers op. Het doel van dit spel is, om er voor te zorgen dat het totaal aantal vingers 11 is. Er mag niet bij gepraat worden.
Natuurlijk kun je dit ook met een ander getal doen.

 

Alfabetische Lijst   
Elk tafelgroepje schrijft op één blaadje de letters a t/m z op.
De leerkracht noemt een onderwerp / thema.
Binnen het tafelgroepje schrijven de leerlingen om de beurt een woord op die lijst bij de letter waar het woord mee begint.
Bij het thema “eten” schrijven de leerlingen bijvoorbeeld op appel, banaan, chocola, enz.
Voor elke goed antwoord verdient het team een punt.
Onderwerpen die zich lenen voor deze opdracht:
* eten
* animatie- of stripfiguren
* films
* plaatsnamen
* landen
* dieren
* beroepen

Variatie: Ken voor bepaalde letters meer punten toe dan voor anderen. Op deze site kun je zien welke letters meer waard zijn, dan andere. 🙂

 

Meer TeamPuzzels en uitdagingen vind je in dit boek:

 

Zoals beloofd: het 14-letter-woord is koffieautomaat.

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Engels – Tongue Twisters

Een leuke opwarmer voor of afsluiter van de Engelse les zijn Tongue Twisters, oftewel Tongbrekers: zinnen waar je je tong over breekt.

In deze presentatie vind je er twaalf.
Je kunt ze klassikaal laten opzeggen, of in tweetallen laten behandelen.
Natuurlijk is het belangrijk om ze (samen) te (laten) vertalen 🙂

Je kunt ook deze kaartjes gebruiken.
Op elk kaartje staat een Tongue Twister.
Hiermee kun je de werkvorm Mix & Ruil of Schud & Pak doen.

Hier nogmaals:
* de presentatie
* de kaartjes

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Sta met je klas stil bij de Dag van het Geluk met deze tips

20 maart is het de ‘Internationale Dag van het Geluk’ , oftewel ‘International Day of Happiness’. Deze dag is in 2012 ingesteld door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.
Elk jaar sta ik hier even bij stil met mijn klas.
In dit blogartikel deel ik ideeën die je meteen kunt gebruiken en die niet veel tijd kosten 🙂

 

Waar wordt onze groep gelukkig van?
Laat elke leerling een top 3 (of meer 🙂 ) maken van dingen waarvan hij/zij gelukkig wordt. Verzamel alle lijstjes en hang ze zichtbaar bij elkaar 🙂

   

Hier vind je het titelblad van de foto.

 

Filosoferen
Filosofeer aan de hand van onderstaande vragen:
* Wanneer ben je gelukkig?
* Hoe word je gelukkig?
Ben je op je verjaardag gelukkig omdat je cadeautjes hebt gekregen?
* Kun je gelukkig en verdrietig tegelijk zijn?
* Hoe zie je dat iemand gelukkig is?
Is gelukkig zijn belangrijk?
* Kun je gelukkig zijn met niets?
* Nog meer hulpvragen vind je op deze site.

 

Schrijven
Laat kinderen kiezen uit een van onderstaande schrijfopdrachten:
* Schrijf een gedicht over geluk of dankbaarheid.
* Schrijf een handleiding “Hoe word je gelukkig?”
* Schrijf een kaartje aan iemand die jou gelukkig maakt.

 

Tekenen:
* Teken jezelf, als je gelukkig bent.
* Teken iets wat geluk brengt.

 

En nog meer:
* Dans samen op de favoriete Just Dance van een leerling.
* Zing mee met de favoriete liedjes van sommige leerlingen.
* Laat alle kinderen één gelukkige herinnering delen met elkaar.
* Lees een grappig verhaal / gedicht voor.

 

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂