Review: Teken je les

Teken jij weleens in jouw les? Tekeningen kunnen helpen om de leerstof te verduidelijken. Tekeningen kunnen jouw leerlingen helpen om de leerstof te begrijpen, te analyseren en te onthouden.

Maar ik kan helemaal niet tekenen!

Als je meer wil tekenen tijdens je les, is het boek ‘Teken je les’ van Rachel Levi heel geschikt voor jou. En het goede nieuws is: je hoeft helemaal niet goed te kunnen tekenen. Rachel laat in haar boek zien hoe je beeldtaal op een simpele en snelle manier in je lessen kunt gebruiken.

boek

Opbouw van het boek

Deel 1 – Achtergrond en onderbouwing

In deel 1 leer je dat tekenen van alle tijden is en wetenschappelijke inzichten het belang van tekeningen ondersteunen. Je krijgt in dit deel onder andere een kleine geschiedenis van de visuele taal.

Deel 2 – Tekenen inzetten als taal

Deel 2 start met het visuele alfabet. Het zijn basisvormen die je later kunt combineren tot een heel rijke taal.
Vervolgens ga je een visuele woordenschat opbouwen. Aan de hand van de vraagwoorden wat, wie, waar, waarom, wanneer en hoe ontwikkel je een uitgebreide beeldtaal.

visueel alfabet            basisvormen

Deel 3 – tekeningen toepassen in de klas

In dit deel laat Rachel je verschillende manieren zien waarop je tekeningen in kunt zetten in de klas. Denk aan visuele geheugenkaarten, visuele uitleg bij lessen, schema’s, venndiagrammen en mindmaps. Alle toepassingen zijn ingedeeld aan de hand van de denkniveaus van de taxonomie van Bloom.

visuele ankerplaat

Deel 4 – tekenen als onderdeel van de schoolcultuur

In het laatste deel van het boek leer je hoe je tekeningen zinvol kunt gebruiken bij klassenmanagement, zorg, signalering en visievorming. Rachel geeft voorbeelden van hoe je afspraken zichtbaar kunt maken. Ook laat ze zien hoe je met tekeningen kunt verhelderen wat er speelt en kunt bepalen wat een volgende stap kan zijn in signalering

visie

Website

Bij dit boek hoort de website www.tekenjeles.nl/. Hier vind je verschillende downloads, zoals templates en oefenmateriaal.

Mijn mening over het boek

Ik vind dit een heel praktisch boek met een duidelijke, overzichtelijke inhoud. Het boek helpt je stap voor stap om tekenen te integreren in je les. Naast dat er heel veel voorbeelden in staan die je zo in je onderwijspraktijk kunt toepassen zie ik mogelijkheden voor de tekenlessen. Je zou elke week 10 minuutjes uitleg aan de kinderen kunnen geven over basisvormen en visuele woordenschat. Ik verwacht dat de ‘tekenskills’ van mijn leerlingen dan wel beter worden. Kortom: ik ben heel enthousiast en ik ga ermee aan de slag! Het is echt een aanwinst voor mezelf en mijn leerlingen!

boekKoop dit boek op Bol.com

Dit blogartikel bevat opgestuurde producten, maar het maakt de review niet minder eerlijk.

Groepsvorming

Na de zomervakantie start je waarschijnlijk met een nieuwe groep leerlingen. Elk schooljaar maak je met je groep alle fases van groepsvorming door. Als je als leerkracht deze fases (her)kent en erop inspeelt, zul je zien dat je veel invloed kunt uitoefenen op het creëren van een fijne en positieve groep. Een groep waarin kinderen elkaar in hun waarde laten, elkaar respecteren, zelf problemen op kunnen lossen en bovenal zichzelf mogen en kunnen zijn.

1. Forming: oriënteren en (opnieuw) kennismaken met elkaar

Na de zomervakantie komen de kinderen terug op school. Ze tasten elkaar opnieuw af. Vertrouwde verhoudingen kunnen anders liggen. Je leert elkaar (opnieuw) beter kennen. Wat kan wel en wat kan niet in deze groep? Wanneer hoor je erbij? Het is belangrijk om in deze fase veel kennismakingsspelletjes te doen. Ook maak je in deze fase regels en afspraken met je klas met betrekking tot gedrag en een fijne werksfeer.

2. Storming: strijden om invloed: de hiërarchie wordt vastgesteld

Als de grenzen binnen de groep duidelijk zijn, gaan kinderen op zoek naar erkenning en zoeken ze naar hun eigen positie in de groep. Eerst voorzichtig, aftastend en later met meer nadruk. In deze fase worden vaak de leiders bepaald en worden er subgroepjes gevormd. Soms zorgt dit voor spanningen en strijd. Het is belangrijk dat je dit laat gebeuren en dat je laat zien op welke manieren leerlingen deze conflicten kunnen oplossen.

3. Norming: gemeenschappelijke normen en ongeschreven regels worden bepaald

In deze fase zie je dat met name de leiders bepalen wat de ongeschreven regels zijn. Zij doen dit soms onbewust en soms bewust. Het is belangrijk dat je als leerkracht samen de klassenregels opstelt. Laat eerst alle leerlingen meedenken. Laat ze vervolgens samen in gesprek gaan. Maak een document dat bijvoorbeeld heet ‘Zó willen we het in onze klas’. Formuleer de regels positief en vermijd zoveel mogelijk het woord ‘niet’.

4. Performing: samen werken in harmonie en met plezier

Deze fase is de langste fase van het schooljaar en begint rond de herfstvakantie. De fase duurt tot de laatste weken van het schooljaar. De leerlingen en leerkracht(en) kennen elkaar inmiddels behoorlijk goed. Ze waarderen elkaar en hebben respect voor elkaar. Dit zorgt ervoor dat iedereen met elkaar op een prettige manier kan samenwerken.

5. Adjourning: het einde van het schooljaar nadert

In deze fase is de zomervakantie in zicht. Sommige leerlingen vinden de groepsregels misschien niet meer zo belangrijk. In bepaalde gevallen valt de groep uiteen. Denk maar aan groep 8, groep 2, of klassen waar de kinderen gehusseld worden.

Wil jij ook meer kennis van groepsvorming en wil jij ook een positieve groep creëren?
Meld je dan aan voor deze online training.

Dit artikel is ook verschenen in het grote vakantieboek van Onderwijswereld-PO.
Ook ontvangen? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief.

fb afbeelding

Review: EDI 2.0

bol

Op 22 april jl verscheen de herziene uitgave van het populaire onderwijsboek ‘Expliciete Directe Instructie (EDI)’. Het boek, met de titel ‘EDI 2.0’,  bevat de volgende nieuwe onderwerpen: EDI in groep 1 en 2; de kracht van herhaling; het geven van feedback en het implementeren van EDI in je school.
De eerste druk van het boek was in een mum van tijd uitverkocht.
In deze review vertel ik je waarom.

Wat is EDI?

EDI staat voor Expliciete Directe Instructie. EDI bestaat uit een aantal vaste lesonderdelen, aangevuld met technieken. Het doel van EDI is om de leerstof succesvol aan te leren aan alle leerlingen. De sterke, de gemiddelde én de risicoleerlingen.
In hoofdstuk 3 tot en met 13 staan de technieken en lesfasen van een EDI-les centraal.

Technieken

In een EDI-les gebruik je de volgende technieken:

  1. Betrekken en activeren
    (Lezen, schrijven, denken en verwoorden)
  2. Controle van begrip
    (Hoe weet ik of mijn leerlingen leren?)
  3. Geven van feedback
    (Van fouten kun je leren)
  4. Herhalen
    (Hoe zorg ik dat mijn leerlingen onthouden?)

 Lesfasen

Een EDI-les bestaat uit de volgende fasen:

  1. Activeren van voorkennis
    (Wat weten de leerlingen al?)
  2. Lesdoel
    (Wat wil ik de leerlingen leren?)
  3. Instructie
    (Hoe leer ik mijn leerlingen dat? )
  4. Begeleide inoefening
    (Geleide overdracht van verantwoordelijkheid)
  5. Lesafsluiting
    (Controleren of iedereen het zelfstandig kan)
  6. Zelfstandige verwerking
    (Oefenen met opdrachten bij het lesdoel )
  7. Verlengde instructie
    (Zorgen dat álle leerlingen het lesdoel behalen)

kijkwijzer

Extra

Het boek sluit af met het deel ‘extra’. Hierin leggen de schrijvers aan de hand van concrete praktijkvoorbeelden uit, hoe je EDI in kan zetten in de groepen 1 en 2.
Vervolgens beschrijven ze stap voor stap hoe je EDI op jouw school kunt implementeren. Ook vertellen ze je wat de succesfactoren van een goede implementatie zijn.
Het boek geeft daarna een aantal voorbeeldlessen en sluit af met wetenschappelijke onderbouwing.

Mijn mening

Als leerkracht wil ik dat (de instructies van) mijn lessen zo effectief en efficiënt mogelijk zijn. Hierbij hielp het boek EDI heel goed. Nóg enthousiaster ben ik over de herziene versie ‘EDI 2.0’. Het zou op elke school, in elke klas en op elke PABO moeten liggen. Het boek geeft heel concrete aanwijzingen om je lessen beter te maken. De hoofdstukken zijn vlot en duidelijk geschreven en staan bol van de goede voorbeelden. Alle tekst wordt ondersteund door foto’s, afbeeldingen en praktijkvoorbeelden, waardoor je meteen inspiratie krijgt voor je eigen lessen.
Wat mij het meest aanspreekt, is dat je met EDI álle kinderen actief betrekt bij de les en dat je álle leerlingen controleert op het begrip van wat je uitlegt.
Dit boek is in mijn ogen een musthave voor alle leerkrachten en docenten.

Hulp op het Internet

Pica

Op de website van Uitgeverij Pica vind je allerlei gratis downloads die bij dit boek horen.

Facebook

Op Facebook vind je de groep ‘EDI (1.0 en 2.0)’. Deze groep behoort bij de pagina ‘methodegroepen po’ en is bedoeld voor professionals die werken met Edi. Het doel van de groep is het delen van ideeën, tips, stappenplannen en vragen. De groep telt inmiddels meer dan 7000 leden.

Onderwijswereld-PO

Na de zomervakantie start de professionalisering EDI 2.0. op (de besloten Facebookgroep van) Onderwijswereld-PO.
In ongeveer 8 weken lees je stap voor stap het boek. Dit doe je via een besloten groep op Facebook. Je kiest daarbij zelf of je bij iedere nieuwe post inlogt, of dat je dat op een eigen gekozen moment doet. Je maak het dus passend bij jouw situatie.
De kosten voor deze professionalisering zijn slechts € 19,95 incl. BTW.
Ik heb me al aangemeld! 😊

Blogs die je misschien ook leuk vindt

* Maak van je methodeles een EDI-les.
* Verboden je vinger op te steken
* In elke fase van de les is plaats voor een didactische werkvorm

bol
Koop dit boek op Bol.com

Kaartjes voor Vaderdag

daughter-dad-fathers-day_23-2148410718

Voor alle kinderen die iets leuks en liefs voor hun vader willen maken heb ik kaartjes gemaakt.

De kaartjes

Het zijn kaartjes met teksten die je kunt afmaken. Er zijn kaartjes waarop je zelf iets kunt tekenen en invullen. Ook zijn er kaartjes met kleurplaatjes. En tenslotte zijn er kaartjes met hartjes dobbelstenen. Hiermee kan mama dobbelen en kijken hoeveel kusjes papa krijgt. 🙂

Ideeën bij de kaartjes

♥ Je kunt de kaartjes verstoppen in huis.
♥ Je kunt van de kaartjes een boekje maken.
♥ Je kunt van de kaartjes een poster maken.

Laat je me weten hoe papa reageerde?

Veel plezier met het maken en geven! ♥

Download hier het document met de kaartjes.

man-holding-son-fathers-day-front-chalkboard_23-2147790849

 

bol

 

Buitenlessen: 14 ideeën voor de bovenbouw

playful-classmates-having-fun-playground_1098-4021

De meeste lessen geef ik in mijn klaslokaal. Voor dit blogartikel ging ik op zoek naar manieren om buiten les te geven. En wat blijkt? Veel vakken kunnen ook buiten gegeven worden. Ik geef je 14 voorbeelden en hoop dat je binnenkort ook een (deel van je) les buiten geeft.

Volgorde

Geef alle kinderen een kaartje. Laat ze vervolgens op de juiste volgorde in een rij gaan staan.
Op het kaartje kan een (komma)getal staan, een woord of een historische gebeurtenis. De volgorde is dan respectievelijk: van klein naar groot, op alfabetische volgorde en chronologisch.
Dit is een uitstekende startactiviteit. Vanuit de rij kun je bijvoorbeeld tweetallen of groepjes maken.

Tafel-hinkelpaden

Verdeel de klas in groepjes en geef elk groepje de opdracht met stoepkrijt een hinkelpad te maken dat bij een tafel hoort. Natuurlijk kun je kiezen uit de tafels 1 t/m 10, maar hoe leuk is het om de tafels van 11 t/m 20 te oefenen?!

Plattegrond tekenen

Laat de kinderen met stoepkrijt een plattegrond maken van het schoolterrein. Hoe ouder de kinderen, hoe meer eisen (details) je kunt stellen.

Cirkeldiagram maken met kinderen

Ga met de kinderen in de kring staan. Stel een vraag: “Welke sport beoefen je?”. De kinderen met hetzelfde antwoord gaan naast elkaar staan, maar nog steeds in een kring.
Nu heb je een cirkeldiagram gecreëerd. Die kun je zichtbaarder maken door hem met stoepkrijt te tekenen op de tegels. Vervolgens kijk je of je percentages of delen kunt berekenen.

Meten

Laat kinderen met stoepkrijt rechthoeken tekenen op de tegels. Nummer daarna alle tekeningen. Vervolgens gaan de kinderen elkaars rechthoeken meten en bepalen ze de omtrek en oppervlakte.

Spelling

Dit spel gaat zoals “Ratten en raven”.
De kinderen staan in een tweetallen in een rij, met de ruggen tegen elkaar. De ene rij is een spellingcategorie, bijvoorbeeld Franse leenwoorden en de andere rij is een andere categorie, bijvoorbeeld Engelse leenwoorden.
Als de leerkracht een Frans leenwoord noemt, moeten leerlingen uit die rij hun maatje tikken. De andere rij moet dus wegrennen. De lopers zijn vrij, als ze over een bepaalde grens zijn gelopen.
Als de leerkracht een Engels leenwoord noemt, is het precies andersom.
Het leukste is, als je als leerkracht een verhaal voorbereid waarin de categorieën verstopt zitten.

Spreekwoorden

Geef de kinderen kaartjes met daarop spreekwoorden. Laat ze vervolgens in groepjes de spreekwoorden uitbeelden en raden. Wat ook kan: Laat ze de uitgebeelde spreekwoorden fotograferen met hun mobiele telefoon. Verzamel alle foto’s en maak zo een quiz voor de parallelgroep.

classmates-playing-after-school_1098-3883

Woordbenoemen

Maak vier grote vakken op het schoolplein en schrijf in elk een woordsoort. Bijvoorbeeld: werkwoord, bijvoeglijk naamwoord, voorzetsel en zelfstandig naamwoord.
Roep een woord, geef denktijd en tel af: “3, 2, 1!”. Daarna rennen de kinderen naar het goede vak.

Zinsontleden

De leerlingen werken in tweetallen. Leerling A verzint een zin en schrijft die met stoepkrijt op de tegels. Leerling B verdeelt de zin in zinsdelen (met een andere kleur) en zet de goede namen (persoonsvorm, lijdend voorwerp) onder de zinsdelen.
Daarna draaien de leerlingen de rollen om.
Als je in viertallen laat werken kunnen de twee tweetallen elkaars werk controleren en eventueel corrigeren.
In plaats van de namen van de zinsdelen op laten schrijven, kun je ook genoeg kaartjes maken, die de kinderen erbij leggen.

Wereldoriëntatie

Alle kinderen maken een of meer kaartjes met vragen over het hoofdstuk van aardrijkskunde, geschiedenis of natuur. Deze kaartjes nummer je en hang je verspreid over het schoolplein. Op deze manier heb je zonder veel voorbereiding een fantastisch Zweeds Loopspel gemaakt. Ideaal om de komende toets voor te bereiden.

(Voor)lezen

Zoek een plaats waar kinderen lekker in hun leesboek kunnen lezen. Of laat ze in een kring zitten en lees je groep voor.
Wat je ook kunt laten doen in tweetallen: de een leest voor uit het eigen leesboek en de ander beeldt uit of maakt een tekening van wat hij hoort.

Drama

Verdeel de kinderen in groepjes. Ieder groepje bereid een toneelstukje voor. Bijvoorbeeld in het thema waarover je die periode lesgeeft.
Na 15 minuten verzamelt iedereen zich voor de voorstellingen. Die kunnen buiten of binnen zijn.

Mix & Koppel

De activerende werkvorm Mix & Koppel kun je met droog weer altijd buiten doen.

Creatief

Laat de kinderen iets precies natekenen wat buiten te zien is. Verzamel alle tekeningen en laat de klas per tekening raden waar de tekening gemaakt is. Nog beter: laat ze rennen naar die plek!

friends-having-fun-playground_1098-3831

Praktische tips voor buitenlessen:

* Doe de uitleg binnen.
* Een activiteit buiten kost extra tijd.
* Laat je collega’s even weten dat je een buitenles gaat geven. Vooral degene met een lokaal dat grenst aan het schoolplein.
* Kies buiten een centrale plaats voor jezelf.
* Geef drukke kinderen een taak. Laat ze bijvoorbeeld de materialen vasthouden of de tijd bijhouden.
*  Doe een buitenles op de dag dat je stagiair er is en doe het samen.
* Als kinderen moeten schrijven of tekenen op een blad, neem dan klembordjes of boeken met een harde kaft mee.
* Het is handig als je standaard stoepkrijt in je klas hebt.

 

Dit blogartikel is eerder gepubliceerd op Onderwijswereld-PO

stoepkrijt bol
Stoepkrijt is ook te koop op Bol.com.