Spelling – stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden

Volgende week behandelen we stoffelijke bijvoeglijke naamwoorden.

Om deze nieuwe categorie extra te oefenen heb ik twee dingen gemaakt.

1. Kaartjes met alle woorden
– Mix & Ruil
– oefenen op de BLOON manier

2. Een woordzoeker

Download hier ⬇️ de kaartjes en de woordzoeker.

afbeelding stoffelijke bijv nm

 

Vond je dit bruikbaar? 😊
Deel het dan op jouw favoriete Socials(s).

Taal – homoniemen en homofonen

Homoniemen zijn woorden die er hetzelfde uitzien, maar een verschillende betekenis hebben.

Homofonen zijn woorden die hetzelfde klinken, maar anders worden geschreven. Homofonen hebben ook een verschillende betekenis.

Om deze taalonderdelen extra te oefenen heb ik kaartjes gemaakt met homoniemen en homofonen. Klik op de afbeelding om de kaartjes te downloaden.

kaartjes _ afbeelding.png

De kaartjes zijn in te zetten bij:
* Mix & Ruil
* Schud & Pak
* 30 seconds
* klassikaal uitbeelden / omschrijven

Jullie nog andere ideeën?
Laat het weten bij “reacties”. 

O ja, wist je dat de cartoons van Evert Kwok ook heel goed in te zetten zijn bij deze taalonderdelen? Lees hier verder. 🙂

Evert Kwok alle kaartjes _ plaatje.png

 

Vond je dit bruikbaar? 😊
Deel het dan op jouw favoriete Socials(s).

Review: KLASSEpraat

Zoals jullie weten, doe ik in mijn groep veel aan groepsvorming.

KLASSEpraat kan hier zeker voor ingezet worden.

Klassepraat logo                 Klassepraat foto

KLASSEpraat bestaat uit een mooie, stevige plastic pot. De pot is gevuld met ruim 100 kleurrijke kaartjes met daarop leuke, persoonlijke, uitdagende en soms diepzinnige vragen.

Alle vragen zorgen ervoor dat leerlingen elkaar (nog) beter leren kennen. Hierdoor ontstaat er meer verbinding in de groep. Het is immers bewezen kinderen vriendelijker met elkaar omgaan, als ze elkaar beter kennen.

Je kunt KLASSEpraat op verschillende manieren gebruiken:
* in de kring
* als tussendoortje
* als start of afsluiting van de dag
* als “vraag van de dag”
* als titel voor een stelopdracht
* voor interviews met elkaar
* in de werkvorm Mix & Ruil
* in de werkvorm Schud & Pak

Mijn mening
De pot en vraagkaartjes van KLASSEpraatzien er goed en stevig uit. Ik word al blij als ik het vrolijke logo zie! 😊
De kaarten zijn heel goed bruikbaar en goed op niveau. Wat ik sterk vind is de variatie in vragen. Sommige zijn grappig en andere zijn heel serieus. Voor sommige vragen moet je heel praktisch nadenken en voor andere kun je juist je fantasie gebruiken. Sommige kaarten vragen om een kort en bondig antwoord en bij andere kun je lekker uitweiden. KLASSEpraat krijgt in mijn lokaal een vaste plek!

Je kunt KLASSEpraat aanschaffen voor € 34,95 op de website van Klassepraat.
Er bestaat een KLASSEpraat voor de onderbouw, middenbouw, bovenbouw én het leerkrachtenteam.

 

Vond je dit bruikbaar? 😊
Deel het dan op jouw favoriete Socials(s). ⬇️

18 januari – Internationale Winnie de Poeh dag

Wie kent ‘m niet? Winnie de Poeh!
18 januari is het de Internationale Winnie de Poeh dag.

Wil je er (in die week) aandacht aan besteden in de klas? Dan volgen hier wat tips.

Kijk de film (in stukjes).
Op YouTube vind je 27 korte filmpjes die samen de film The many adventures of Winnie the Pooh uit 1977 vormen.
De film is in het Engels, zonder Nederlandse ondertiteling: extra Engelse les, dus.

Op wie lijk jij?
De personages uit het officiële boek (en de film) hebben duidelijke karakters. Op wie lijken de leerlingen? Of hangt dat van de situatie af? Wanneer lijken zij op Teigetje en wanneer op Konijn? 😊
Winnie de Poeh is opgeruimd, liefdevol en trouw. Hij stelt continu onderzoekende vragen en bedenkt creatieve oplossingen voor problemen.
Knorretje is onzeker en angstig. Hij heeft weinig zelfvertrouwen en heeft steeds iemand nodig om hem aan te moedigen en te stimuleren.
Teigetje is erg druk en aanwezig. Hij denkt vaak niet na voordat hij iets doet.
Iejoor is pessimistisch en somber.
Konijn is perfectionistisch en heeft het liefst volledige controle over de situatie. Hij is bazig en soms onaangenaam
Uil vertegenwoordigt de wetenschap. Hij is slim en verstandig.  De oplossingen van uil zijn alleen zo ingewikkeld uitgelegd dat niemand er iets van begrijpt.
Kanga is lief en zorgzaam en wijst altijd op gevaren.
Roe is (over)enthousiast en heel ondernemend.

Winnie-The-Pooh.png Bron

Er bestaan ook quizzen om te kijken op welk karakter je het meest lijkt:
Quizlet (Nederlands)
Oh my, Disney quiz (Engels)
Brainfall.com (Engels)

Inspirerende quotes
De manier waarop Winnie de Poeh en zijn vrienden naar het leven kijken is vaak bijzonder (en origineel). Een aantal treffende en inspirerende uitspraken heb ik verzameld in praatkaartjes.

praatkaartjes quotes.png

Filosoferen met Winnie de Poeh
Wil je filosofische gesprekken voeren met kinderen over de “gewone” gebeurtenissen uit het dagelijks leven via de verhalen van Poeh en zijn vrienden? Hier vind je voor elke bouw een lesopzet.

Vond je dit bruikbaar? 😊
Deel het dan op jouw favoriete Socials(s).

Bronnen:
Wikipedia
Filosofie van Pooh
Ja.be 
Paradijsvolgelsmagazine
Afbeelding

Review: De Jongenscode. Zó geef je les aan jongens! Door René van Engelen

In mijn onderwijspraktijk ben ik altijd bezig met het tegemoetkomen aan verschillen tussen mijn leerlingen.

Het nieuwste boek van René van Engelen De Jongenscode helpt je zeker om jongens beter te begrijpen en je activiteiten aan te passen, zodat jongens betrokken en gemotiveerd blijven.

Het boek bestaat uit vier hoofdstukken:
1. Wat is jongensgedrag?
2. Opvoeding van jongens in onze maatschappij.
3. Jongens versus onderwijs.
4. Praktijk.

de jongenscode _ boek.jpg  De Jongenscode!

1. Wat is jongensgedrag?
Natuurlijk verschilt per kind of bepaald gedrag überhaupt voorkomt, maar er zijn verschillende bronnen die kenmerken noemen die specifiek horen bij de ontwikkeling van jongens en jongensgedrag. In het boek worden onder andere de volgende kenmerken genoemd:
Jongens …
– zijn gemiddeld meer actiegericht
– zijn directer
– zijn assertiever
– zijn minder sterk in zelfreflectie en zelfonderzoek
– zijn luier
– zijn gevoeliger voor competitie
– krijgen vanuit hun brein signalen om veel te bewegen

2. Opvoeding van jongens in onze maatschappij.
In het tweede hoofdstuk wordt gekeken naar de opvoeding van jongens in onze maatschappij en in hoeverre deze aansluit bij jongens.
Aan bod komen onderwerpen als vrienden, mannelijkheid bewijzen, ruw spel en gamen.
Van Engelen stelt onder andere dat er voor jongens minder ruimte is gekomen om zich fysiek bezig te houden. “In het onderwijs is ‘leren door te doen’ verdrongen en wordt het informatie verzamelen (liefst vanachter een tafeltje) meer gewaardeerd en toegepast.”

Persoonlijk denk ik dat dit verschilt per school en zelfs per leerkracht. Het is in mijn ogen belangrijk dat je als leerkracht kijkt of deze stelling klopt in jouw lessen en dat je vanuit daar kijkt hoe je meer tegemoet kunt komen aan de behoeften van jongens.

3. Jongens versus onderwijs.
In het derde hoofdstuk wordt gekeken of en hoe het huidige basisonderwijs aansluit bij en tegemoetkomt aan de specifieke onderwijsbehoeften van jongens.
Jongens zijn actiegericht. Ze leren vooral door te doen. Dit is een talent van jongens. Als je leren door te doen ruimte geeft, betekent dat dat je je lesgeven misschien moet veranderen. Dat betekent dat je dingen anders moet bekijken en dat je dingen los moet laten. Leren door te doen is namelijk minder goed voorspelbaar. Daarnaast kan het de nodige rommel, herrie en drukte geven.
In dit hoofdstuk komen meer interessante onderwerpen aan bod, zoals competitie, gamificatie, fysiek gedrag, humor en duidelijkheid en begrenzen.

4. Praktijk.
In het vierde hoofdstuk staan zestien actiepunten, waarmee het onderwijs voor jongens aantrekkelijker gemaakt kan worden.
Ik noem er vier, waarbij ik ook voorbeelden geef uit mijn eigen praktijk:
4.1 Zorg voor kennis van biologische oorzaken van gedrag en krijg zo meer begrip voor dit gedrag.
Heel verhelderend en vooral er leuk is het volgende: Hang in de klas de posters van OMJS “Verschillen tussen jongens en meisjes”. Laat leerlingen reageren en met elkaar in gesprek gaan. Kloppen de stellingen? Herken je de zinnen bij jezelf en bij anderen? Kloppen er ook dingen niet?

verschil jongens meisjes.pngOMJS

4.2 Maak het onderwijs actiever.
Dit kan heel gemakkelijk met het inzetten van didactische, activerende werkvormen. Lees hier mijn blogartikel “In elke fase van de les is plaats voor een didactische werkvorm”.
4.3 Zet vormen van competitie in.
Strijden tegen elkaar kan gemakkelijk met een Kahootquiz, Boggle of het Geheugenspel.
In het boek staat duidelijk dat je wel op moet letten met het inzetten van competitie in je lessen. Zorg dat de competitie vrijblijvend is en geen ‘high stakes’-competitie is. Een andere goede tip uit het boek: Zet ook ‘competitie met jezelf’ in bij individuele leerlingen.
4.4 Geef inzicht in hoe het lichaam en het brein werken. Geef kinderen inzicht in hoe ze dit kunnen beïnvloeden.
Hierbij denk ik meteen aan Executieve Functies. Ik zet bijvoorbeeld elk jaar WiEF van Pica in, om samen met mijn leerlingen naar (hun) gedrags- en denkvaardigheden te kijken. Lees hier meer …

Mijn mening
Ik vind het boek echt een aanrader! René van Engelen koppelt theorie aan de praktijk en geeft je echt inzicht in het gedrag van jongens. Bovendien geeft hij veel praktische tips, waardoor je gemakkelijk je bestaande lessen aan kunt passen om tegemoet te komen aan de specifieke onderwijsbehoeften van jongens. Hierdoor zullen jongens betrokken en gemotiveerd blijven.

de jongenscode _ boek.jpg   De Jongenscode!

 

 

Vond je dit bruikbaar? 😊
Deel het dan op jouw favoriete Socials(s).