Wat neem je mee op vakantie met kinderen?

Ingezonden bijdrage.

Een vakantie met kinderen vraagt vaak net wat meer voorbereiding. Misschien vertrekken jullie naar een camping in Frankrijk, een vakantiepark in Nederland, een huisje aan zee of stappen jullie in het vliegtuig naar een verre bestemming. Waar de reis ook naartoe gaat, één vraag komt iedere keer weer terug: wat neem je mee op vakantie met kinderen?

Kleding, tandenborstels en zonnebrandcrème staan meestal vanzelf op de inpaklijst. Maar ook vermaak voor onderweg en op de vakantiebestemming is handig. Met het juiste speelgoed, een paar spelletjes en creatieve activiteiten hebben kinderen altijd iets te doen.

In dit artikel vind je praktische ideeën voor onderweg én voor op de vakantiebestemming.

Begin met speelgoed voor onderweg

Een vakantie begint natuurlijk met de reis. Voor volwassenen is een paar uur in de auto vaak prima te doen, maar voor kinderen kan dezelfde rit eindeloos duren. Na een tijdje klinkt vanaf de achterbank misschien de bekende vraag: “Zijn we er al?”

Daarom is het slim om een apart tasje met speelgoed voor onderweg klaar te maken. Kies vooral speelgoed dat compact is en niet uit tientallen kleine onderdelen bestaat. Niemand heeft zin om tijdens een autorit speelgoedstukjes onder de stoel vandaan te moeten halen.

Denk bijvoorbeeld aan een magnetisch tekenbord, kleine poppetjes, autootjes, een activiteitenboek of een herbruikbaar stickerboek. Ook raamstickers kunnen leuk zijn tijdens een lange autorit. Kinderen kunnen ermee spelen zonder dat je meteen een halve speelgoedkist hoeft mee te nemen.

Reizen jullie met het vliegtuig of de trein? Dan geldt hetzelfde principe: klein, licht en makkelijk op te bergen. Laat kinderen eventueel hun eigen rugzakje meenemen met daarin een paar favoriete speeltjes. Zo hebben ze hun eigen vakantietasje en kunnen ze zelf kiezen waarmee ze onderweg willen spelen.

Spelletjes die weinig ruimte innemen

Een vakantie is een mooi moment om samen spelletjes te spelen. Gelukkig hoef je daarvoor geen grote dozen mee te nemen. Er bestaan genoeg compacte reisspelletjes die gemakkelijk in een koffer of rugzak passen.

Kaartspelletjes zijn bijvoorbeeld ideaal. Ze wegen bijna niets en je kunt er vaak meerdere spellen mee spelen. Ook kleine geheugenspellen, dobbelspelletjes en magnetische reisspellen zijn handig voor onderweg.

Ga je met meerdere kinderen op vakantie? Kies dan een paar spellen die ze samen kunnen doen. Zo zorgt het speelgoed niet alleen voor vermaak, maar ook voor gezellige momenten met broertjes, zusjes of vakantievriendjes.

Een eenvoudig spel kan bovendien goed van pas komen op momenten waarop je moet wachten. Bijvoorbeeld in een restaurant, op het vliegveld of wanneer het buiten een middag regent.

Creatief bezig zijn tijdens de vakantie

Niet ieder kind wil de hele dag rennen, zwemmen of klimmen. Soms is het juist fijn om even rustig aan tafel te zitten en iets te maken. Een kleine creatieve vakantieset is daarom een handige aanvulling op de bagage.

Neem bijvoorbeeld kleurpotloden, stiften, een kleurboek en een tekenblok mee. Ook stickers, stempels en eenvoudige knutselmaterialen kunnen voor veel plezier zorgen.

Een leuk idee is om kinderen een eigen vakantiedagboek te geven. Daarin kunnen ze iedere dag tekenen of schrijven wat ze hebben gedaan. Een bezoek aan het zwembad, een wandeling, een groot zandkasteel, een lekker ijsje of een bijzondere vakantievriend: alles kan erin.

Je kunt onderweg ook kleine herinneringen verzamelen, zoals een toegangskaartje, folder of ansichtkaart. Zo ontstaat tijdens de vakantie een persoonlijk boek dat na thuiskomst een mooie herinnering is.

Speelgoed voor aan het zwembad en op het strand

Gaat de reis naar een bestemming met een zwembad of strand? Dan is waterspeelgoed handig om mee te nemen.

Een emmertje en schepje zijn klassiekers die eigenlijk altijd goed zijn. Voeg een paar zandvormpjes toe en kinderen kunnen op het strand eindeloos bouwen. Een kleine bal is ook handig, omdat je er zowel op het strand als bij het vakantiehuisje mee kunt spelen.

Voor oudere kinderen kun je denken aan duikspeeltjes of ander compact speelgoed voor in en rond het water. Let daarbij altijd goed op de leeftijdsindicatie en houd kinderen in en rond water goed in de gaten.

Probeer ook hier niet te veel mee te nemen. Op vakantie blijkt vaak dat kinderen met een paar eenvoudige spullen al ontzettend creatief kunnen zijn. Een emmer kan het ene moment nodig zijn voor een zandkasteel en vijf minuten later dienstdoen als schatkist voor schelpen.

Vergeet het favoriete speelgoed niet

Nieuwe spelletjes zijn leuk, maar voor kinderen kan het juist prettig zijn om iets vertrouwds van thuis bij zich te hebben. Zeker jonge kinderen kunnen veel waarde hechten aan hun favoriete knuffel, pop of speelgoedauto.

Vraag daarom voor vertrek welk speeltje absoluut mee moet. Maak daarbij wel duidelijke afspraken. Een complete speelgoedkast meenemen is natuurlijk niet mogelijk. Laat een kind bijvoorbeeld één favoriete knuffel en twee of drie kleine speeltjes kiezen.

Heeft je kind een knuffel waar hij of zij echt niet zonder kan? Controleer dan bij iedere tussenstop even of de knuffel nog aanwezig is. Een favoriete knuffel die ergens op een parkeerplaats achterblijft, is niet bepaald het begin van een ontspannen vakantie.

Maak een verrassingspakket voor tijdens de reis

Wil je de reis extra leuk maken? Maak dan vooraf een klein vakantie-verrassingspakket.

Stop daarin bijvoorbeeld een nieuw kleurboek, stickers, een klein spelletje en iets lekkers. Je hoeft het pakket niet meteen bij vertrek te geven. Bewaar het voor een moment waarop kinderen wel wat afleiding kunnen gebruiken.

Bij een lange autorit kun je zelfs meerdere kleine verrassingen meenemen en deze verspreid over de reis geven. Zo is er af en toe iets nieuws om te ontdekken.

Het hoeft helemaal niet groot of duur te zijn. Juist kleine cadeautjes en activiteiten kunnen tijdens een lange reis voor veel enthousiasme zorgen.

Neem ook iets mee om buiten te spelen

Op veel vakanties zijn kinderen een groot deel van de dag buiten. Neem daarom een paar dingen mee waarmee ze gemakkelijk buiten kunnen spelen.

Een bal, frisbee, springtouw of stoepkrijt neemt relatief weinig ruimte in en biedt veel mogelijkheden. Op een camping of vakantiepark kunnen kinderen er bovendien gemakkelijk samen met andere kinderen mee spelen.

Je hoeft het spel niet altijd voor ze te bedenken. Geef kinderen een paar eenvoudige materialen en hun fantasie doet vaak de rest. Voor je het weet is een grasveld veranderd in een voetbalstadion of wordt er een complete speurtocht georganiseerd.

Wat zet je op de vakantie-inpaklijst?

Naast speelgoed zijn er natuurlijk nog genoeg andere dingen die handig zijn wanneer je met kinderen op vakantie gaat. Wat je precies nodig hebt, hangt af van jullie bestemming en het seizoen.

Denk bijvoorbeeld aan zonnebrandcrème, petjes of zonnehoedjes, zwemkleding, waterschoenen, voldoende drinken en een kleine EHBO-set. Voor onderweg zijn vochtige doekjes, snacks en reservekleding vaak geen overbodige luxe.

Maak daarom enkele dagen voor vertrek een vakantie-inpaklijst. Verdeel deze bijvoorbeeld in categorieën: kleding, verzorging, documenten, eten en drinken, speelgoed en spullen voor onderweg. Zo hoef je niet op het laatste moment te bedenken wat er nog in de koffer moet.

Laat kinderen eventueel meehelpen met inpakken. Geef ze een eigen lijstje met een paar spullen die ze zelf mogen verzamelen. Dat maakt het inpakken meteen onderdeel van de vakantievoorpret.

Niet te veel meenemen

De grootste valkuil bij een vakantie met kinderen? Te veel spullen meenemen.

Het is verleidelijk om voor iedere mogelijke situatie iets in te pakken. Toch hebben kinderen op vakantie vaak veel minder speelgoed nodig dan je denkt. De omgeving zelf zorgt al voor allerlei nieuwe avonturen. Een zwembad, speeltuin, strand, bos of camping biedt volop mogelijkheden om te ontdekken en te spelen.

Kies daarom liever voor een kleine selectie speelgoed waarmee kinderen op verschillende manieren kunnen spelen. Compact, veelzijdig en gemakkelijk mee te nemen is meestal de beste combinatie.

Wanneer gaan jullie op vakantie?

Ga je alvast plannen voor een volgende vakantie? Dan is het handig om te weten wanneer de kinderen vrij zijn. Bekijk hier het overzicht met de schoolvakanties 2027.

Zo kun je op tijd nadenken over de bestemming én over wat je mee wilt nemen.

Klaar voor vertrek!

Met een slimme voorbereiding wordt niet alleen de vakantiebestemming leuk, maar ook de reis ernaartoe.

Een paar favoriete speeltjes, compacte reisspelletjes, creatieve materialen en speelgoed voor buiten of aan het water zijn vaak meer dan genoeg. Voeg daar eventueel een kleine verrassing voor onderweg aan toe en kinderen hebben altijd iets achter de hand.

En misschien wel het belangrijkste: laat genoeg ruimte over voor spontane avonturen. Want uiteindelijk zijn het vaak niet de spullen in de koffer die kinderen zich later herinneren, maar het zandkasteel op het strand, dat ene potje kaarten voor de tent en alle gezellige momenten samen.

Fijne vakantie en een goede reis!

Overlijden en afscheidsvieringen bespreekbaar maken in de klas

Ingezonden bijdrage.

Over overlijden en afscheid praten in de klas is niet altijd makkelijk. Toch kunnen kinderen juist veel hebben aan duidelijke uitleg en ruimte voor hun vragen.

De dood hoort bij het leven, maar in de klas praten we er meestal pas over wanneer een leerling of leerkracht direct met verlies te maken krijgt. Juist een rustig moment kan geschikt zijn om vragen te beantwoorden en misverstanden weg te nemen. Den Hollandsche Gedenktekens laat met persoonlijke ontwerpen zien dat mensen op uiteenlopende manieren herinnerd worden. Die verscheidenheid vormt een bruikbaar vertrekpunt voor een klassengesprek.

Bereid het gesprek zorgvuldig voor

Denk voordat je het onderwerp bespreekt even na of er leerlingen zijn voor wie dit onderwerp op dit moment extra dichtbij komt. Overleg zo nodig met ouders, de intern begeleider of de vertrouwenspersoon. Zo voorkom je dat een opdracht onverwacht te dichtbij komt. Vertel vooraf wat jullie gaan bespreken en waarom. Leg uit dat leerlingen altijd een korte pauze mogen nemen of niet over hun eigen ervaringen hoeven te vertellen. Een les over afscheid hoeft geen kringgesprek te worden waarin iedereen een persoonlijk verhaal deelt.

Gebruik duidelijke woorden

Vooral jonge kinderen nemen woorden letterlijk. Zinnen als “opa is gaan slapen” of “we zijn oma verloren” kunnen verwarrend of zelfs beangstigend zijn. Gebruik daarom de woorden dood, overleden, begraven en cremeren en leg ze rustig uit. Je kunt daarbij vertellen dat een afscheidsviering op verschillende plekken kan plaatsvinden. Sommige families kiezen voor een kerk, moskee, crematorium of aula op een begraafplaats. Andere vieringen vinden plaats op een locatie die belangrijk was voor de overledene. Ook muziek, gebeden, toespraken en rituelen verschillen per familie, cultuur en levensovertuiging. Benadruk dat er niet één juiste manier van afscheid nemen bestaat.

Laat leerlingen vragen stellen

Een kinderboek, kort verhaal of fictieve situatie maakt het gemakkelijker om het onderwerp op enige afstand te onderzoeken. Stel daarna open vragen, zoals:

  1. Waarom organiseren mensen een afscheidsviering?
  2. Welke voorwerpen kunnen een bijzondere herinnering oproepen?
  3. Welke verschillende manieren van afscheid nemen kennen jullie?
  4. Waarom kiest de ene familie voor begraven en de andere voor cremeren?
  5. Welke rol kunnen muziek, bloemen of foto’s spelen?
  6. Hoe kun je iemand steunen die verdriet heeft?

Laat kinderen eerst in tweetallen nadenken. Dat voelt vaak veiliger dan direct iets in de hele groep vertellen. Beantwoord vragen eerlijk, maar geef alleen informatie die past bij de leeftijd en bij wat er daadwerkelijk gevraagd wordt.

Praat ook over herinneren na de viering

Afscheid nemen stopt niet na de uitvaart. Sommige mensen bezoeken een graf, bewaren een urn of maken thuis een plek met een foto en een kaars.  Sommige mensen kiezen ervoor om herinneringen zichtbaar te maken op een grafmonument. Denk aan een bijzondere vorm, een symbool, een kleur of een afbeelding die iets vertelt over de persoon die is overleden.

Bij een graf kan een persoonlijk grafmonument helpen om herinneringen zichtbaar te maken. Volgens Den Hollandsche kunnen kleuren, vormen, materialen en symbolen iets vertellen over het leven van de overledene. Gebruik dat idee voor een neutrale klasopdracht: laat leerlingen voor een fictief personage een herinneringssymbool ontwerpen. Ze kunnen bijvoorbeeld een dier, bloem, sportvoorwerp of muziekinstrument tekenen en uitleggen waarom dit bij het personage past.

Geef gevoelens de ruimte, zonder ze af te dwingen

Een leerling kan verdrietig worden, maar ook nieuwsgierig reageren of een grapje maken uit ongemak. Blijf rustig en maak duidelijk dat verschillende reacties mogen bestaan. Let ook na de les op gedragsveranderingen. Soms komen vragen pas dagen later. Stichting Achter de Regenboog maakt rouw en verlies bespreekbaar bij kinderen en jongeren en deelt haar kennis ook met scholen. Leerkrachten kunnen er praktische informatie vinden over rouw of schokkende gebeurtenissen in de klas. Sluit de les af met iets vertrouwds en vertel dat leerlingen later altijd met vragen mogen terugkomen. Zo wordt overlijden geen verboden onderwerp, maar een onderdeel van het leven waarover met aandacht en respect gesproken kan worden.

.

Afbeelding: foto van Aron Visuals via Unsplash.

Hoe je met een fotografenoog van elke foto een rijke taalles maakt

Ingezonden bijdrage.

Kinderen maken moeiteloos foto’s, maar bewust kijken is iets anders. Juist daarin zit een mooie kans voor de klas. Met een eenvoudig fotografieproject oefent een groep niet alleen beeldvaardigheid, maar ook woordenschat, vertellen, samenwerken en reflecteren. Een foto wordt zo geen vluchtige opname, maar het begin van een gesprek: wat zie je, waarom valt dit op en welk verhaal hoort erbij?

Voor een eerste les is een telefoon of school tablet vaak voldoende. Wil je fotografie vaker inzetten, opnames afdrukken of leerlingen laten experimenteren met scherpte en beweging, dan is een nieuwe fotocamera bestellen zeker de moeite waard. Kijk daarbij niet alleen naar megapixels. Een toestel dat prettig vasthoudt, duidelijke knoppen heeft en tegen intensief gebruik kan, is in een klas doorgaans waardevoller dan een model met veel ingewikkelde functies.

Start met één duidelijke kijkopdracht

Een vrije opdracht als ‘maak een mooie foto’ klinkt aantrekkelijk, maar is voor veel leerlingen te breed. Geef liever een concreet kader. Laat kinderen bijvoorbeeld drie structuren op het schoolplein zoeken, een kleurverhaal maken of een voorwerp vanuit kikker- en vogelperspectief fotograferen. Door een beperking toe te voegen, gaan ze creatiever kijken. Ze ontdekken dat een gewone regenplas, schoenveter of kapstok interessant kan worden door standpunt en uitsnede.

Bespreek vooraf een paar eenvoudige begrippen, zoals:

  • onderwerp,
  • voorgrond,
  • achtergrond,
  • licht
  • en standpunt.

Houd de uitleg kort en laat leerlingen daarna meteen proberen. Twee foto’s van hetzelfde onderwerp zijn genoeg om het verschil te zien. Welke opname vertelt het duidelijkst wat de maker wilde laten zien? De vraag ‘waarom?’ levert vaak meer taal op dan een technische uitleg over de camera.

Van beeld naar tekst

Na het fotograferen begint het taalrijke deel. Laat ieder kind één opname kiezen en daar een bijschrift van maximaal twintig woorden bij schrijven. In een volgende ronde kan dat bijschrift uitgroeien tot een nieuwsbericht, gedicht, instructie of spannend verhaal. Dezelfde foto krijgt dan steeds een andere functie en toon. Zo ervaren leerlingen heel concreet dat woordkeuze afhangt van publiek en tekstsoort.

Ook mondeling werkt dit sterk. Toon een foto zonder de maker te noemen en laat klasgenoten beschrijven wat ze denken dat er gebeurde. Daarna vertelt de fotograaf over de oorspronkelijke bedoeling. Het verschil tussen waarneming en interpretatie wordt onmiddellijk zichtbaar. Dat is waardevol bij begrijpend lezen, mediawijsheid en gesprekken over beeldvorming.

Maak keuzes zichtbaar

Een korte fotobespreking hoeft geen wedstrijd te zijn. Hang per groepje enkele foto’s op en geef gerichte feedback: welk detail trekt je aandacht, waar leidt de achtergrond af en welke keuze zou je zelf opnieuw maken? Formuleer reacties als observatie in plaats van oordeel. ‘Mijn oog gaat eerst naar de rode jas’ helpt een maker verder; ‘deze is het mooist’ veel minder.

Laat leerlingen vervolgens één foto opnieuw maken. Misschien gaan ze dichterbij staan, wachten ze op zachter licht of kiezen ze een rustigere achtergrond. Juist die tweede poging toont dat een sterke foto zelden toeval is. Plannen, uitvoeren, terugkijken en verbeteren vormen samen een leerproces dat ook buiten fotografie herkenbaar is.

Denk aan privacy en praktisch beheer

Spreek af wat wel en niet in beeld komt. Fotograferen van handen, materialen, schaduwen en plekken biedt al volop mogelijkheden zonder herkenbare gezichten. Controleer de toestemmingsafspraken van school voordat werk online of in een nieuwsbrief verschijnt. Laat beelden bovendien op een vaste plek opslaan en verwijder ze volgens het schoolbeleid. Zo hoort digitale verantwoordelijkheid vanzelf bij de opdracht.

Sluit het project af met een kleine expositie in de gang of een digitaal fotoboek voor de klas. Voeg titels, bijschriften en een korte reflectie van de makers toe. Dan krijgen leerlingen niet alleen een podium voor hun beeld, maar ook voor hun taal. En waarschijnlijk kijken ze daarna net iets aandachtiger naar de wereld die ze iedere dag al dachten te kennen.

Spelend leren: educatief speelgoed voor kinderen van 4 en 5 jaar

Ingezonden bijdrage.

Over een paar weken begint een nieuw schooljaar en start er weer een nieuw groepje kleuters in de klas. Sommigen stappen vol bravoure naar binnen, anderen houden nog even een hand vast. Wat ze gemeen hebben: ze staan aan het begin van een enorme sprong. In groep 1 en 2 leren kinderen tellen, samen spelen, knippen, luisteren en op hun beurt wachten. En het mooiste is: het meeste daarvan leren ze niet uit een boekje, maar al spelend.

Als leerkracht zie je dagelijks hoeveel er gebeurt tijdens dat spel. En juist daar kunnen ouders thuis prachtig op aansluiten. In deze blog deel ik waarom spelend leren zo krachtig is bij vier- en vijfjarigen en welk soort speelgoed die ontwikkeling thuis een handje helpt. Zo weet je het zelf en kun je het doorgeven aan ouders die op zoek zijn naar een zinvol cadeau.

Bij Sproutz krijg ik rond de zomer bijna dagelijks dezelfde vraag: “Mijn zoon of dochter gaat straks naar groep 1, wat geef ik dat leuk en zinvol is?” Wat me daarbij opvalt: ouders zoeken iets dat langer meegaat dan een week enthousiasme. In de praktijk zie ik dat het altijd dezelfde categorieën speelgoed zijn die blijven boeien en meegroeien. Precies die licht ik hieronder uit.

Waarom spelend leren werkt bij 4 en 5 jaar

Rond deze leeftijd zit een kind in een gevoelige fase. Het fantasiespel komt op stoom. Kinderen doen alsof ze juf, ridder of dokter zijn. Juist dat spel oefent taal, verbeelding en probleemoplossend denken. Tegelijk ontwikkelt de fijne motoriek zich razendsnel: kralen rijgen, knippen, bouwen en boetseren bereiden de handjes voor op het latere schrijven.

Wat spel zo waardevol maakt, is dat een kind niet doorheeft dat het leert. Het is bezig, het onderzoekt, het probeert opnieuw. Goed speelgoed voor deze leeftijd nodigt daartoe uit: het geeft niet één antwoord, maar duizend mogelijkheden. Hieronder vier soorten speelgoed die dat het beste doen.

Vier soorten speelgoed die spelend leren thuis versterken

1. Open-ended speelgoed

Open einde speelgoed heeft geen vast einddoel: blokken, magnetische tegels of speelfiguren kunnen vandaag een toren zijn en morgen een dierentuin. Doordat het kind zelf bepaalt wat het maakt, oefent het plannen, verbeelden en doorzetten. Dit type speelgoed groeit bovendien mee: een vierjarige speelt er anders mee dan een zesjarige.

2. Montessori-speelgoed

Montessori-materiaal is bewust eenvoudig en zelfcorrigerend, zodat een kind zelfstandig kan ontdekken. Denk aan sorteer- en rijgspellen of natuurlijke materialen die de zintuigen prikkelen. Het versterkt concentratie en zelfvertrouwen: precies de vaardigheden die in groep 1 en 2 zo van pas komen.

3. Sensorisch speelgoed

Kinetisch zand, klei en materiaal met verschillende texturen laten kinderen voelen, kneden en experimenteren. Sensorisch spel werkt rustgevend en traint de fijne motoriek en oog-handcoördinatie. Ideaal voor een kind dat na een drukke schooldag even in alle rust wil “werken” aan de keukentafel.

4. Constructie- en magnetisch speelgoed

Bouwen is misschien wel het rijkste spel dat er is. Onderzoek van Oostermeijer, Boonen en Jolles (Frontiers in Psychology, 2014) laat zien dat kinderen die veel constructief spelen een sterker ruimtelijk inzicht ontwikkelen, wat later zelfs samenhangt met betere rekenprestaties. Met constructie speelgoed vanaf 4 jaar en magnetische bouwsets oefenen kinderen precies dat ruimtelijk inzicht, plus logisch denken en samenwerken. Voor een kind van vier dat net begint te ontdekken hoe dingen in elkaar zitten, is een educatief cadeau voor een kind van 4 jaar uit deze hoek een schot in de roos: het daagt uit zonder te frustreren.

Aansluiten op wat je kind leuk vindt

Elk kind is anders en dat mag je gerust volgen bij de keuze van speelgoed. De ene kleuter kan uren boetseren, de ander wil vooral bouwen, racen of rollenspellen doen. Voor de iets oudere kleuter die dol is op techniek en constructie werkt leerzaam speelgoed voor een kind van 5 jaar bijvoorbeeld erg goed: denk aan grotere bouwsets, uitdagender puzzels en spellen waarbij je samen een plan moet maken.

Het belangrijkste is dat het speelgoed aansluit bij de interesse en het ontwikkelingsniveau van het kind. Geef een kind toegang tot een brede mix van bouwen, verzorgen, creatief bezig zijn en bewegen. Zo stimuleer je de ontwikkeling het breedst.

Tot slot

De overstap naar groep 1 is groot, maar met de juiste speelmomenten thuis wordt die sprong een stuk lichter. Speelgoed dat uitnodigt tot ontdekken, bouwen en fantaseren doet precies wat wij op school ook proberen: leren zó leuk maken dat een kind niet doorheeft dat het leert. En dat, dat is goud waard.

Checklist – De staat van het (vernieuwings)onderwijs 2026

De afgelopen weken kwamen deze twee interessante rapporten voorbij:

1. De Staat van het onderwijs 2026

Afzender:

De Inspectie van het Onderwijs.

Link naar het document:

https://www.onderwijsinspectie.nl/documenten/2026/04/15/rapport-de-staat-van-het-onderwijs-2026

Wat staat erin?

Dit is het officiële jaarverslag over de kwaliteit van het gehele Nederlandse onderwijsstelsel. De belangrijkste bevindingen:

  • Basisvaardigheden:
    Er zijn grote zorgen over dalende resultaten in taal en rekenen, vooral in het voortgezet onderwijs en mbo. In het basisonderwijs lijken de resultaten na corona te stabiliseren.
  • Kansengelijkheid:
    Het maakt nog steeds uit waar je wieg staat; er zijn grote regionale verschillen in schooladviezen en kansen.
  • Onderwijsprofessionals:
    De werkdruk en administratielast blijven hoog. Positief is dat pabo-instroom toeneemt en starters zich vakdidactisch beter voorbereid voelen.
  • Schoolleiders:
    Zij worden overvraagd door randzaken (personeelstekort, financiën) en komen te weinig toe aan onderwijskundig leiderschap.

Waarvoor is het bedoeld?

Het rapport dient om de politiek en de samenleving te informeren over wat er goed gaat en wat er beter moet. Het geeft concrete aanbevelingen om de onderwijskwaliteit te bewaken en te verbeteren.

2. De Staat van het Vernieuwingsonderwijs 2026

Afzender:

Het lectoraat Vernieuwend Onderwijs (Saxion) in samenwerking met de vijf grote vernieuwingsverenigingen (Montessori, Dalton, Jenaplan, Vrijeschool en Freinet).

Link naar het document:

https://zenodo.org/records/18173539

Wat staat erin?

Dit document focust specifiek op scholen die werken vanuit een vernieuwingsconcept. Het centrale thema is “Vertragen in tijden van effectiviteit en efficiëntie”.

  • Tegengas:
    Het rapport waarschuwt voor de “hypernerveuze samenleving” waarin alles meetbaar en efficiënt moet zijn.
  • Pedagogische kern:
    Vernieuwingsscholen pleiten voor rust, ruimte voor brede vorming (hoofd, hart, handen) en het kind volgen in zijn eigen tempo.
  • Praktijkvoorbeelden:
    Je vindt er inspirerende voorbeelden, zoals ‘vrij onthaal’ in de ochtend, stiltelessen en periodeonderwijs.
  • Onderzoek:
    Er wordt aangetoond dat vernieuwende principes (zoals samenwerkend leren) niet minder effectief zijn dan traditionele methoden, mits goed uitgevoerd.

Waarvoor is het bedoeld?

Het is bedoeld als inspiratiebron en ‘barricade-document’. Het wil laten zien dat onderwijs meer is dan alleen presteren op toetsen en dat de pedagogische visie van de leraar (praktijkwijsheid) essentieel is voor goede vorming.

Wat heb jij hieraan?

De Inspectie vertelt je aan welke wettelijke eisen je moet voldoen en waar de grote maatschappelijke uitdagingen liggen. De Staat van het Vernieuwingsonderwijs biedt je een pedagogisch kompas: het daagt je uit om na te denken over waartoe je onderwijst en hoe je in je klas een rustige, veilige plek creëert voor de brede ontwikkeling van ieder kind.

Praktische checklist

Als je me een beetje kent, weet je dat ik theorie heel graag vertaal naar de praktijk.

Daarom ben ik een praktische checklist aan het maken aan de hand van beide documenten.

Geen theorie, maar vragen die je jezelf (of je team) kunt stellen. Op die manier kun je zien wat jullie op school al doen en waar verbeteringen mogelijk zijn.

Gebruik ‘m bijvoorbeeld:

  • tijdens een studiedag
  • in een teamoverleg
  • of gewoon als snelle check: waar staan wij eigenlijk?

Wil je de checklist ontvangen, zodra hij klaar is?

Vraag hem hieronder aan. 👇

.

Checklist - De staat van het (vernieuwings)onderwijs 2026

Ramadan mini-bundel 2.0

Ramadan mini-bundel 2.0

Misschien had je de Ramadan mini-bundel van juf Mar vorig jaar al gezien en gedownload. Juf Mar heeft hem aangevuld! Hier vind je alle downloads die juf Mar maakte.

Ramadan is een bijzondere tijd voor veel leerlingen. Als leerkracht wil je aansluiten bij hun belevingswereld en begrip creëren in de klas. Met de downloads van juf Mar lukt dat op een heel laagdrempelige en respectvolle manier.

Wat is Ramadan?

Ramadan is de negende maand van de islamitische kalender en een periode van bezinning en solidariteit. Moslims vasten overdag, van zonsopgang tot zonsondergang. Dit betekent dat ze niet eten of drinken tussen suhoor (de maaltijd vóór zonsopkomst) en iftar (de maaltijd na zonsondergang). Naast vasten is Ramadan ook een tijd van saamhorigheid, liefdadigheid en dankbaarheid. Aan het einde van de maand wordt Eid al-Fitr gevierd, ook wel het Suikerfeest genoemd.

Aandacht besteden aan Ramadan in de klas

In veel klassen zitten leerlingen die meedoen aan de Ramadan. Door hier aandacht aan te besteden, creëer je begrip en respect onder alle leerlingen. Dit draagt bij aan een inclusieve klasomgeving waarin iedereen zich gezien voelt. Bovendien is het een mooie kans om kinderen te leren over andere culturen en tradities.

Filmpjes

Filmpjes die je kunt kijken met je leerlingen:

Ramadan mini-bundel van juf Mar

De mini-bundel van juf Mar bestaat uit:

  • een voorkant, om in te kleuren
  • een kleurplaat/praatplaat
  • een korte tekst met uitleg
  • vragen over de tekst
  • een goede daden challenge
  • een woordzoeker
  • een I spy (zoekopdracht)
  • een kaart om in te kleuren
  • nog een kleurplaat

Download

Download hier de mini-bundel.

🌙⭐

⭐🌙

🤩

Je vindt juf Mar ook op Instagram.

Gebruik je deze of andere materialen van juf Mar? Tag haar dan op Instagram!

👇

Meer inspiratie

Meer inspiratie vind je op de themapagina’s

Wist je dat deze website (naast meer dan 1000 gratis downloads) ook een winkel heeft? Daar vind je veel lesmateriaal waarmee je structureel weken aan de slag kunt gaan. Denk aan projectboekjes rekenen-wiskunde, rekenen op tempo, woordenlijsten spelling en spelling oefenkaarten, materialen voor je Engelse les, oefenboekjes werkwoordspelling en taal en kant-en-klare projectboekjes.

In de gratis catalogus is voor bijna elk product uit de webshop minimaal één voorbeelddocument opgenomen, zodat je een goed beeld krijgt van wat je kunt verwachten. Dit helpt je om een keuze te maken en precies te weten wat je bestelt.

Meer gratis downloads? Abonneer je op mijn nieuwsbrief.

12-weekse e-mailtraining - Variatie in je lessen
Catalogus winkel Juffrouw Femke 2.0