Engels – Raad het dier

Deze activiteit past goed in een Engelse les over dieren.
De kinderen raden (met elkaar) welke dieren op de 30 vraagkaartjes staan beschreven.

Voorbereiding
Download de 30 vraagkaartjes en knip ze uit.
Dit kun je één keer doen, als je voor een gezamenlijke, klassikale werkvorm kiest.
Je kunt de activiteit ook in groepjes doen. Dan heeft elk groepje de 30 vraagkaartjes nodig.

De activiteit – klassikaal
Met de 30 vraagkaartjes kun je klassikaal Mix & Ruil (dat zijn de stappen 1 t/m 8 van Mix & Koppel) spelen.

Ook kun je Mix & Koppel spelen. Dan heb je de helft van de kaartjes nodig: 15 omschrijvingen en de 15 plaatjes die erbij horen (als aparte kaartjes).

1. De leerlingen krijgen allemaal een kaartje.
2. De leerlingen lopen door elkaar en zoeken een maatje.
3. Leerling A stelt een vraag die past bij zijn kaartje (de ander mag het kaartje zien).
4. Leerling B antwoordt en leerling A bedankt of coacht.
5. Dan stelt leerling B een vraag die past bij zijn kaartje.
6. Leerling A antwoordt en leerling b bedankt of coacht.
7. Leerling A en B ruilen van kaartje.
8. De leerlingen herhalen stap 2 t/m 7, totdat de leerkracht een stopteken geeft.
9. De leerkracht geeft een stopteken.
10. De leerlingen zoeken het maatje met de bijpassende kaart.

De activiteit – in groepjes van 4
Met 30 vraagkaartjes per (tafel)groepje kun je Schud & Pak spelen.

1. Leerling A houdt de vraagkaartjes in een waaier in de hand.
2. Leerling B trekt één vragenkaartje uit de waaier.
3. Leerling B leest de vraag hardop voor.
4. Alle leerlingen nemen DenkTijd.
5. Leerling C beantwoordt de vraag.
6. Leerling D. reageert op het antwoord. Hij coacht of bevestigt en/of complimenteert.
7. Leerlingen wisselen van rol en gaan door tot alle vragenkaarten zijn geweest of totdat het tijd is.

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Laat je leerlingen een officiële brief schrijven.

Elk jaar schrijven mijn leerlingen een officiële brief. Bijvoorbeeld naar een directeur, een voorzitter of een burgemeester.

De kinderen mogen hierbij zelf kiezen uit twee opties:
* Ze schrijven de brief als zichzelf aan een bestaand persoon, met een vraag die of verzoek dat ze echt hebben.
* Ze schrijven de brief als iemand anders (fictief of bestaand) aan een persoon (fictief of bestaand), met een bedachte vraag of verzoek.

 

Benodigdheden:
* Voor elke leerling een blad met lijntjes, uit een schrijfblok.
* Voor elke leerling een vulpen.
* Deze presentatie voor op het digibord.

 

De activiteit
Volg klassikaal de dia’s in deze presentatie.
De leerlingen zien het doel: Een brief schrijven op een officiële manier.
Eventueel kun je even stilstaan bij het woord “officiële”. Wat betekent dat? Wat is het verschil tussen een gewone brief en een officiële brief?

Waarschijnlijk komen er nu antwoorden die een brug slaan naar de volgende vragen:
1. Aan wie kun je een officiële brief schrijven?
2. Met welke reden kun je een officiële brief schrijven?
Daarna kun je hierover napraten.

Vervolgens bespreek je de dia waarop de opzet van een officiële brief te zien is.

Als alles duidelijk is voor de leerlingen kunnen ze gaan schrijven.

 

Wat als de brief af is?
Als de brief af is, leveren de leerlingen de brief in.
Bekijk alle brieven. Sommige brieven zullen wellicht écht aan de geadresseerden gegeven kunnen worden. Bijvoorbeeld brieven aan de directeur van school, of aan een coach.
Andere brieven kunnen misschien via Twitter verstuurd worden naar de geadresseerden.
Zo maak je van je taalles een les Mediawijsheid! 🙂

En dan hopen dat de leerlingen een brief of bericht terug krijgen!

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Laat je leerlingen hun eigen Zentangle-kunst maken.

Zentangle is een kunstvorm, die erg ingewikkeld lijkt, maar is onverwacht eenvoudig uit te voeren.
‘Zen’ is de Japanse vorm van Boeddhisme, die de nadruk legt op de concentratie (en meditatie).
Het Engelse woord ‘tangle’ betekent ‘wirwar’ of ‘warboel’.

 

Een Zentangle tekening bouw je op door geconcentreerd en heel bewust je lijnen te tekenen.
Het lijkt een warboel, maar als je goed kijkt, ontdek je duidelijke patronen.

Ieder jaar laat ik mijn leerlingen hun eigen Zentangle-tekening maken. Ik zie dan dat deze manier van tekenen zowel de aandacht verhoogt, als de creativiteit stimuleert.

 

Voor mijn les gebruik ik deze presentatie.

Nadat duidelijk is wat de bedoeling is, gaan de leerlingen aan de slag. Wat sommige kinderen helpt, zijn kleurplaatjes, waarin zij bestaande vlakken met zelfbedachte patronen vullen.

Een aantal voorbeelden van goed te gebruiken kleurplaatjes vind je hier.

Omdat ik beschik over een groot aantal tablets, kunnen kinderen ook online dingen opzoeken. Denk aan tutorials op YouTube of de Padlet die ik heb gemaakt met allerlei inspiratie.

Heel leuke en mooie varianten op deze opdracht zijn de Doodle-Art-opdrachten van De Knutseljuf.

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

 

Filosoferen en discussiëren over sterrenbeelden en horoscopen.

Met deze activiteiten  leren kinderen (filosoferen, discussiëren en kritisch nadenken) over sterrenbeelden en horoscopen.

 

Benodigdheden:
* Per leerling een werkblad Zoek Iemand Die en een pen.
* De twaalf bladen met beschrijvingen per sterrenbeeld.  
* Deze presentatie voor op het digibord.

 

De activiteiten
Volg klassikaal de dia’s in deze presentatie.
Vraag de leerlingen waar ze aan denken als ze de woorden “sterrenbeeld” en “horoscoop” zien of horen. Dit kun je klassikaal doen, maar ook met een actieve werkvorm, zoals TweePraat.

Vervolgens krijgt iedereen het werkblad Zoek Iemand Die. De leerlingen gaan op zoek naar klasgenoten die een bepaald sterrenbeeld hebben. Kinderen die snel klaar zijn (het blad vol hebben), kunnen een ‘tweede ronde’ maken.

Hierna gaan de leerlingen in Ik Ook Groepen staan: alle kinderen met hetzelfde sterrenbeeld bij elkaar. Per groepje krijgen ze een blad met de beschrijving van hun sterrenbeeld. Ze praten hier samen over. Wat herkennen ze (niet)? Waar zijn ze het (niet) mee eens?

 

Afsluiting
Ten slotte gaan alle leerlingen weer terug naar hun eigen tafelgroepje (team). Nu mogen ze elkaar kort vertellen wat ze van de activiteiten vonden.

 

Vervolg
Je kunt nog samen filosoferen over een of meer stellingen:
* Een horoscoop bevat altijd een kern van waarheid.
* Ik vind horoscopen onzin.
* Ik lees mijn horoscoop regelmatig.

Je kunt de leerlingen ook een eigen horoscoop laten schrijven. 🙂

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

 

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Engels – Who am I?

Met deze activiteit leren de kinderen zich voorstellen in het Engels.

Bovendien kun je aan het eind van deze les het raadspel “Who am I?” spelen.

 

Benodigdheden:
* Voor elke leerling een blaadje en twee pennen in twee verschillende kleuren.
* Eventueel het Engelse tekstboek of een tablet (om vertalingen op te zoeken).
* Deze presentatie voor op het digibord.

 

De activiteit
Volg klassikaal de dia’s in deze presentatie.
De kinderen schrijven de zinnen, met de nummers op hun blaadje.
Kinderen die moeite hebben met Engels, kunnen eventueel het Engelse tekstboek of een tablet gebruiken, voor de juiste vertalingen.
Aan het eind van deze activiteit nummeren de leerlingen een aantal zinnen van hun blaadje met een andere kleur pen. Dit wordt de volgorde van het raadspel.

 

Het raadspel
De leerkracht leest per blaadje de zinnen voor, in de volgorde die de leerling heeft bedacht en genoteerd. De klas raadt wie deze leerling is.
Je kunt ook steeds de leerling die geraden is het volgende blaadje laten voorlezen. 🙂

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

Poëzie – beginrijm, oftewel alliteratie

Als je twijfelt of poëzie iets is voor kinderen, raad ik je aan om dit artikel te lezen. Samenvattend geeft Reine de Pelseneer de volgende argumenten:
* Rijm en ritme zorgt voor sterke lezers.
* Poëzie vergroot de woordenschat én het geheugen.
* Gedichten vragen niet veel tijd.
* Poëzie prikkelt fantasie en creativiteit.
* Poëzie is speels.
* Gedichten helpen kinderen omgaan met emoties.

De les
Mijn blog gaat over een poëzieles over beginrijm. Deze les komt uit de het document “Poëzieweek 2018 – Bundel #1 – Poëzielessen Basisonderwijs”. Bij deze les heb ik een presentatie gemaakt. Je kunt de presentatie hier downloaden en eventueel bewerken.

Het gedicht
Vertel de kinderen dat het gedicht dat ze dadelijk zien “Schimmenspel” heet. Praat er met de klas over. Wat is dat, een schimmenspel?

Gedicht:    

Laat vervolgens een (paar) leerling(en) het gedicht voordragen. Je kunt er ook voor kiezen om dit zelf (eerst) te doen of de leerlingen in tweetallen het gedicht te laten lezen.

Nadat de leerlingen het gedicht een paar keer gelezen en gehoord hebben, start je een klassengesprek met de volgende vragen:
* Waaraan kun je zien dat dit een gedicht is?
* Welke soorten rijm zie je? Dit is een moeilijke opdracht. Je kunt de leerlingen helpen door het soort rijm te noemen en te laten zoeken naar een voorbeeld in het gedicht. 🙂

Soorten rijm
Eindrijm (theater – later)
Klinkerrijm (struin-buiten , straat-later)
Beginrijm (gordijn-gaan , venster-verhaal)
Binnenrijm (gaan-aan)

Voorbereiding activiteit beginrijm
* Maak groepjes, bestaande uit leerlingen met de zelfde beginletter in hun voornaam.
* Zorg voor een blaadje per groepje, waar die beginletter(s) op staat/staan.
* De leerlingen nemen de letter van het alfabet, dat op hun blaadje staat.
Sommige groepjes mogen kiezen uit een of meer letters.
Binnen een groepje mag ook individueel of in een twee-, drie- of viertal gewerkt worden.

Activiteit beginrijm
1. Schrijf zoveel mogelijk woorden op, die beginnen met die letter.
2. Maak een zin met zoveel mogelijk woorden, die je bij opdracht 1 hebt opgeschreven.
3. Noteer de zin op een gekleurd blaadje in een net (en creatief) handschrift.

 

 

 

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂

 

Hoe overleef ik de brugklas? – Francine Oomen

Volgend schooljaar is het zover: dan gaan mijn leerlingen naar de brugklas! Dat is voor de meeste kinderen erg spannend.
Het (voor)leesboek Hoe overleef ik de brugklas? van Francine Oomen is mijns inziens voor leerlingen uit groep 8 echt een aanrader!

hoe overleef ik de brugklas

Het boek gaat over Rosa. Zij gaat naar de brugklas. Haar goede vriend Jonas zit (nog) in groep 8. Omdat Rosa en Jonas niet bij elkaar in de buurt wonen, e-mailen ze elkaar regelmatig over wat ze meemaken.

Rosa geeft in haar e-mails aan Jonas veel adviezen over hoe je de brugklas kan overleven.
Haar survivaltips gaan onder andere over het kaften van boeken, het beheren van je kluisje en moeilijke toetsen voorbereiden. Maar ook onderwerpen als vriendschap, verliefdheid en populair zijn komen aan de orde. Heel nuttig en herkenbaar voor leerlingen uit groep 8!

Het boek is gemakkelijk voor te lezen. Het is geschreven in eenvoudige zinnen, zonder heel moeilijke woorden. Bovendien schrijft Francine Oomen in een heel grappige stijl.

Het boek leent zich goed om af toe met de klas na te praten over wat er gebeurt:
* Esther wordt gepest, omdat ze anders is dan anderen.
* Sacha pest Esther en verwacht dat Lidwien en Rosa meedoen.
* Sacha en Rosa krijgen ruzie en Sacha draagt Rosa op om iets uit een winkel te stelen.
* Wat denken jullie? Zou Rosa dat doen??
* De klassenleraar van de brugklassers is homoseksueel.

Idee voor in de klas ná het voorlezen:
Kinderen van groep 8 maken een document voor leerlingen uit groep 7 “Hoe overleef ik groep 8?”

Nog een idee:
Via deze link kun je de twaalfdelige televisieserie met de klas kijken.
De serie is gebaseerd op de boeken van Francine Oomen over pubermeisje Rosa.

handen_vriendschap

Heb je tips, aanvullingen of vragen?
Laat dan gerust een reactie achter 🙂